
Vanochtend was het weer vroeg opstaan want om acht uur moesten we klaar staan voor de excursie door het Khao Yai park. Om zeven uur zou het ontbijt gereed zijn. In de tussentijd werden ook de auto’s klaargemaakt. Er zouden twee auto’s rijden met de drie paar gasten uit ons resort en nog twee paar uit een ander resort. Bijzonder was dat afgezien van een paar uit New York de anderen allemaal Belgisch of Nederlands waren.

Het was een flinke rit naar het park en het verkeer in het stadje was ook erg intensief. Maar uiteindelijk reden we door de toegangspoort en vrij kort daana meldden de aapjes zich. Brutaal als ze zijn klommen ze op de tweede wagen en probeerden bij de passagiers wat te bietsen. Maar de auto reed door en toen kwamen ze te ver van de groep af waarna ze weer van de auto afsprongen. We reden door naar een uitzichtspunt maar vóórdat we goed en wel op weg waren werden we teruggeroepen omdat er ergens olifanten op de weg waren gezien. De auto’s spurtten er heen, maar het bleek vergeefse moeite.

Daarom maar door naar het bezoekerscentrum. Vóórdat we daar aan de gang mochten sloeg de gids nog even een pad in naar het bos er achter. In ieder geval zagen we daar moeder en kindje uil, een toekan, een langstaartige eekhoorn en vlinders. De vlinders vonden de opgewarmde rode aarde geweldig om op te zitten met dichtgevouwen vleugels. Maar om er een vliegend te fotograferen tegen een niet al te donkere achtergrond is nog een kunstje.




De gids en zijn assistenten hadden telescopen bij zich waarmee ze de beesten goed konden laten fotograferen met een mobiele telefoon. Omdat die op een statief staan is het veel eenvoudiger om die scherp te stellen dan met een camera in de hand. Soms zie je dan ook op de foto’s dat het onderwerp net niet scherp is. Helaas voor mij, maar ega heeft nog een stel van de foto’s die ze met de telescoop heeft laten maken.

Toen konden we het bezoekerscentrum bekijken en koffie drinken. Omdat we hevige regenval verwachtten hadden we geen geld en dergelijke meegenomen. Geen koffie dus, maar wel snacks, fruit en water die met de auto waren meegekomen. Ook goed, toch?
Vanuit het bezoekerscentrum vertrokken we daarna naar een punt verderop waar we een wandeling door het oerwoud konden beginnen. Aan het begin van de reis hadden we al speciale sokken gekregen die hoog, net onder de knie werden vastgeknoopt. Zo voorkom je dat ongedierte, zoals bloedzuigers, je lijf kunnen bereiken.

We troffen een groep apen en wat kleine beestjes. Het was lastig om ze goed in beeld te krijgen door het dichte gebladerte. Er was ook een raadsel bij en dat laten we graag ook aan de lezer over. Op de foto hiernaast is een hagedis-achtig beest op een tak te zien. Het is ongeveer 20 cm groot, schat ik. De vraag is dan: wat is het?

De apengroep was zoals gezegd lastiger te fotograferen. Ze bleven voor een groot gedeelte uit het zicht door het dichte gebladerte. De wandeling duurde flink lang en we kwamen allerlei structuren tegen: een mosspin, supergrote en superkleine paddestoelen, …, van alles dus.

Na de wandeling kwamen we uit bij een restaurant en net toen we aankwamen begon het te regenen. Eerst zachtjes maar langzamerhand werd het een enorme, ja een tropische, regenbui. Met onweer en al. Vanuit het restaurant konden we op een rivier kijken. Herten uit de buurt trokken zich niets van de regenbui aan. Net als slangen, varanen en andere beesten. Niet gehinderd door de bezoekers – die zich natuurlijk droog probeerden te houden in het overdekte restaurant – konden die nu vrij tussen de gebouwen door bewegen. De lunch werd ondertussen geserveerd en smaakte prima.

Na de lunch was ook de regenbui verdwenen. Volgens de gids was dit vaak het geval, zeker in de regentijd die spoedig beginnen zou of wellicht al aan het beginnen was. We gingen weer de auto’s in en werden naar een parkeerplaats gebracht van waaraf we naar de Haew Suat waterval liepen. Die waterval zou bekend zijn van de film “The Beach”. Daar hadden we niet eerder van gehoord.

Toen we terugliepen kwam er een team langs met attributen en filmapparatuur. Kennelijk nog een film die opgenomen zou worden hier.
We liepen terug naar de parkeerplaats, staken de weg over en gingen op pad naar een andere rivier. Er was niet veel spectaculairs te zien behalve dat we onderweg oog in oog met een berggeit kwamen.

Na deze wandeling mochten we weer terug in de auto en werden we naar de op een na hoogste berg in Thailand gebracht. Ook hier was dat punt tussen de bomen. Een stukje verder was wel een uitzichtpunt. Met het oog zie je meer dan met de camera, het was behoorlijk heiïg.

Wel kon ik een roofvogel hoog in de lucht fotograferen, dat was dan weer meegenomen …. Hoewel hij wel erg hoog vloog en bijzonder snel was. Ik vroeg me af of hij op jacht was of alleen maar zijn vleugels aan het oefenen was.
Na een tijdje op dit hoogste punt doorgebracht te hebben mochten we weer de auto’s in en gingen we op jacht naar olifanten. Er zijn een paar plekken langs de weg waar je ze te zien kunt krijgen en daar reden we een aantal keren langs. Tevergeefs overigens. Als olifant zou ik ook wel uitkijken: het was best druk overal met auto’s en brommers die heen en weer scheurden om de beesten te kunnen zien.


Langzaamaan werd het tijd om terug te gaan. Het was al bijna donker. Op de terugweg troffen we toch nog een soort stekelvarken en een apengroep aan. Toch nog wat … Morgennamiddag gaan we nog op zoek naar vleermuizen. Het zal mij benieuwen …