Alle berichten van gkoper

Terug

De weersverwachting voor begin van de volgende week was uitermate slecht. We besloten rustig terug te rijden. De vrijdag was nog mooi, dus we kozen een toeristische route door Zuid-Noorwegen naar Kristiansand.

Er gaan twee boten naar Hirtshals, we namen de goedkoopste en langzaamste eenvoudigweg omdat dat de eerste was die zou vertrekken …

We kwamen rond half acht ‘s avonds aan land en reden nog een stukje door naar Hjørring , een kilometer of 15 onder Hirtshals in Denemarken. Die nacht regende het best fors maar ‘s ochtends was het tegen de verwachting in toch droog. De grasmat was aardig doorweekt maar zonder al te veel problemen konden we wegrijden.

De zaterdag was het erg druk op de weg, met name rond de grote steden waar ook al wegwerkzaamheden waren. Tegen zeven uur ‘s avonds kwamen we op een camping in Dötlingen, een einde voorbij Bremen. Daar was het inmiddels weer redelijk weer.

De zondagochtend was het heerlijk rustig op de weg en het weer was ook nog aardig. Dat zal de komende dagen wel anders worden …

Stavanger

Bij Stavanger is een goede stadscamping. Druk maar van alle gemakken voorzien. Daar zijn we gaan staan en konden nog een redelijke plek bemachtigen.

De volgende dag trokken we naar het centrum. Natuurlijk eerst de in het oog lopende gebouwen zoals de Dom-kerk. Het begon weer goed toen: de kerk was gesloten voor restauratiewerkzaamheden. In ieder geval kon er nog een leuke foto gemaakt worden.

De oude wijk van Stavanger heeft veel van de Zaanse Schans, alleen hier zijn de huizen allemaal wit geschilderd. Er is ook wel minder nijverheid maar dat is prima.

Wat er wel is, is een museum die de belangrijkste industrie van het oude Stavanger tentoonstelt: het inblikken van sardines. Het is een hele bedoening en filmpjes, ook uit vroeger tijd, illustreren de aktiviteiten van toen.

Na de lunch bezochten we nog twee landhuizen van voormalige zeelieden en reders waar we binnen en buiten konden rondkijken. Dat completeerde het bezoek aan Stavanger aardig.

Kopervik

In de buurt van Stavanger is een klein plaatsje, genaamd Kopervik. Nu is “vik” haven in het Noors en inderdaad, het is een havenplaatsje. Vanzelfsprekend zijn we er even gaan kijken, maar het bleek al snel dat wij meer een bezienswaardigheid waren dan andersom. Afijn, er is een kerkje dat kennelijk kortgeleden opnieuw is gebouwd. De foto hierboven heeft het namelijk over een oprichtingsdatum in 1892 en dat stemt niet overeen met het gebouw dat op de achtergrond staat.

Bergen

De tocht van Viksdalen naar Bergen deden we in twee etappes. Eerst via Voss naar Norheimsund. Een prachtige tocht door bergen en dalen, met ferries en door tunnels. In Norheimsund is een aardige camping langs een meer en daar konden we de avond prima doorbrengen. De volgende ochtend zijn we redelijk vroeg vertrokken en rond 10 uur waren we op een camperplek in een buitenwijk van Bergen. Er waren geen voorzieningen maar tegen een kleine vergoeding konden we daar de kampeerbus parkeren en ‘s avonds de nacht doorbrengen.

Vanaf de kampeerplaats bracht de tram ons gelijk naar het centrum van Bergen. Nu regent het in Bergen 275 van de 365 dagen van het jaar en natuurlijk dus ook die dag. ‘s Ochtends was het niet meer dan wat druppels met af en toe een serieus buitje. Na een kopje koffie op stap. De eerste in het oog lopende kerk was de Johanneskerk, maar die bleek helemaal niet zo bijzonder te zijn. Omdat de ligging vergelijkbaar is met die van de Sacre Coeur in Parijs had je vanaf de kerk wel een aardig uitzicht over het centrum van Bergen.

Vanaf de kerk helemaal naar beneden kom je bij de vismarkt die zoals je verwachten mag veel verse vis toonde en nog meer – als complete maaltijd – verkocht. Verder door kwamen we bij Bryggen (letterlijk kade), de oude duitse wijk van Bergen met allemaal houten huisjes. Het is wel een paar maal in de fik gegaan maar telkens weer herbouwd. De vele winkeltjes trokken bossen toeristen.

https://commons.wikimedia.org/wiki/File:BloemVaagen1665.jpg

Verder doorgelopen kwamen we bij wat wij de burcht zouden noemen met flink wat oude gebouwen: een waar fort waar ook de koning wel eens vertoefde. Hier ligt een grappig stukje Nederlandse geschiedenis. Eind zeventiende eeuw lag hier een grote, rijk beladen vloot van de VOC te wachten op gewapende begeleiding naar Holland. De Engelsen lagen op de loer en probeerden het op een akkoordje te gooien met de Noren om de vloot te plunderen. Het neutrale Bergen wist van niets en verdedigde de Hollanders tegen de Engelsen toen die hen insloten. Zo kon de VOC vloot ontkomen naar Holland. Het was de enige slag waar het fort van Bergen bij betrokken was.

Herinneringsplaquette

Er is ook nog een andere verwantschap, ditmaal tussen Leiden en Bergen. In beide steden is een kruitschip ontploft. Dat in Bergen gebeurde aan het einde van de tweede wereldoorlog maar de effecten waren vergelijkbaar. Het feit dat de huisjes van Bryggn enigszins schuin staan getuigd er nog steeds van.

De middag was grauwer met meer regen. De musea die we wilden bezoeken bleken allemaal gerestaureerd of verbouwd te worden en dat viel tegen. Ook de Domkerk konden we alleen van buiten bekijken. We hebben dus lekker in een bruin cafe wat gelezen en bier/wijn gedronken. ‘s Avonds voor de verandering eens bij een Chinees restaurant gegeten, we zijn per slot van rekening in een havenstad. Toen terug naar de kampeerplaats om de volgende ochtend richting Stavanger te gaan.

Viksdalen

Vanuit Geiranger zijn we ‘s ochtends verder naar het zuiden getrokken. Er was een mooi gebied rond de rivier de Gaula dat we wel wilden bezoeken. De tocht langs het laatste stuk van de Trollstigvegen toch ook wel spectaculair maar door de mist zagen we niet veel. Wel kwamen we wat sneeuw tegen. Daarna richting Moskog langs een weg met veel en lange tunnels. Het is maar goed dat we de totaaltelling van alle tolbijdragen niet weten!

Daarna namen we een mindere weg, nummer 13, die langs meren en kleine watervallen leidde. Zo kwamen we tegen de middag in de buurt van Viksdalen. De camping bij Hov had onze belangstelling en inderdaad, heel aardig gelegen aan een meer vlakbij een waterval. We konden een mooie plek bemachtigen. Snel daarna begon het vol te lopen met meer campinggasten.

Een van de aardige dingen van deze camping is de mogelijkheid om een wandeling te maken langs de Gaula die in dat gebied door meerdere stroomversnellingen en watervallen gaat. De eigenaar bezorgde ons ‘s Zondagmorgen dan ook op het hoogste punt en van daaruit konden we de wandeling naar beneden ondernemen. De wandeling begon in de mist maar naar mate we lager kwamen werd die allengs minder. Tegen dat we weer bijna bij de camping waren begon de zon door te breken.

Jammer genoeg kreeg Carla onderweg last van haar knie dus tegen het einde namen we een korte doorsteek naar de rechtere en gladdere weg. Het wandelpad was meer een geitepad en dat maakt het wandelen met een pijnlijke knie lastig. Positief was dat we door die afsnijding langs een cafe kwamen waar we ook thee konden krijgen. Een welkome rustpauze waarna we nog even boven de grootste waterval in de buurt konden staan. Al met al een prachtige wandeling waarna we rustig op ons gemak uitrustten, de douche namen en nog wat aten. Morgen verder!

Trollstigvegen en Geiranger

Alle fjorden zijn mooi, maar sommige zijn mooier dan anderen. We laten ons leiden door een ANWB-kaart in het vertrouwen dat als het niet klopt er al veel eerder geklaagd zou zijn. Vanaf Trondheim zijn we de eerste dag naar Tresfjord gereden. Het fjord is inderdaad zeker de moeite waar daar en de camping Fagervik vlak voor het plaatsje evenzo.

De volgende dag was ingeruimd voor de Trollstigvegen. Een steile klim en ditto afdaling grotendeels over een enkelbaansweg met passeerstukken. Menig chauffeur kwam hier in de problemen. Van boven kon men niet alleen de waterval maar ook het gekrioel op de weg bekijken.

De natuur is eigenlijk een belangrijker reden om die weg te rijden. De weg naar boven is het lastigst. Over de hoogvlakte razen de rivieren die de watervallen voeden. Eenmaal op weg naar beneden zien we in de verte het reisdoel: Geiranger.

De beoogde camping was niet meer beschikbaar – geen kampeerauto’s in het hoogseizoen – maar de Vinje camping was wel beschikbaar en prima.

De volgende dag zijn we van de camping naar beneden gelopen om het plaatsje te verkennen. Daar waren we snel doorheen. Bij de haven lag een toerboot klaar voor vertrek; die ging een rondvaart maken door het fjord. We hadden gelezen dat het veel leuker is een ferry te nemen. Wij hebben die naar Hellesylt genomen. Een uur lang werden we vergast op allerlei uitzichten op het fjord. Na bij de haven de lunch gebruikt te hebben vertrokken we weer terug naar Geiranger. Nog geen kilometer uit de haven draaide de boot weer om: er was een probleem met de ferry aan de andere kant en die was niet vertrokken. Daarom kon onze boot daar niet aanmeren totdat het probleem was opgelost. Samen met een paar anderen moesten we toch echt terug. Na verloop van tijd deed de oplossing zich voor: wij zouden met een snelle toerboot teruggebracht worden. Het werd een complete tour die vele malen beter was dan de heentocht.

We moesten een speciaal pak aan waarmee we onder alle omstandigheden zouden blijven drijven. De tocht leidde langs (verlate) boerderijen en watervallen. De gids had er een heel verhaal bij. Uiteindelijk kwamen we weer in Geiranger aan. Het was een onvergetelijke dag geworden.

Trondheim

Voor ons was Trondheim weer een beetje “walking down memory lane”. Maar er waren wel belangrijke verschillen. We waren er namelijk nooit ‘s zomers. En deze zomer was wel heel bijzonder: een hittegolf met temperaturen rond de dertig graden! Beter dan in Nederland met veertig graden, maar toch ook wel warm.

Ook toevallig was dat we dit keer er waren tijdens de Olavsfeesten met marktkraampjes rond de dom en een groot aantal opvoeringen, concerten en nog meer.

Delen van de stad hadden duidelijk een vernieuwingsslag doorgemaakt, zoals de oude haven die nu is opgeleukt tot kroegengebied met appartementen. De oude kranen staan er nog voor de sier.

De zondag hadden we voor ons zelf, maar de maandag was ingeruimd om met de studenten een bezoek te brengen aan de NTNU. Na de lunch gingen we wandelen in de Bymarka, een natuurpark naast Trondheim. Eerst een korte wandeltocht naar de Bakli dam en daar zwemmen of pootje baaien (voor de oudjes). ‘s Avonds hebben we met z’n allen gegeten in Sabrura Baklandet, een sushi-tent in de oude wijk van Trondheim.

De volgende dag met de studenten mee naar Equinor, het voormalige Statoil. Een wat oppervlakkige presentatie maar door alle vragen van studenten toch interessant. Bij de ingang zijn wat voorwerpen uitgestald en bovenstaande steen intrigeerde me. Er staat op Jøtul lyftet Einstein.

Wat navragen bij Noorse kennissen leverde het volgende op. Op de steen staat: “Deze Jøtul-lyfte werd onthuld door de Minister van Onderzoek Gudmund Hernes en symboliseert het begin van het onderzoekscentrum. Ernaast ligt nog een plakaat met een verklaring: “Dit is een steen gevonden bij Jæren (zuidwesten van Noorwegen) die over grote afstand is verplaatst door een gletsjer.” De mensen noemden zo’n steen een Jøtul-lyftet omdat het leek alsof een bovenmenselijke kracht, een reus (Jøtul) de steen had verplaatst. Einstein heeft in het noors een dubbele betekenis: “een steen” en de naam van de wereldberoemde wetenschapper.

‘s Avonds hebben we het organiserend comite van de studentengroep mee uit eten genomen in een typisch lokaal restaurant, het Baklandet Skyddstation. Je zou het een studentenkroeg/eettent kunnen noemen hoewel het merendeel van het bezoek duidelijk toerist is. Het is er altijd zeer gezellig en het eten smaakt er altijd goed.

Bratsberg

Na Jotunsheimen zijn we doorgereden tot net voor Oppdal en hebben daar een goede camping gevonden. Ondanks dat deze dicht langs de weg lag was het er toch erg rustig. De volgende dag weer op pad richting Bratsberg.

Kennissen van ons hebben daar een hut. Jaren geleden zijn we ook bij hun op bezoek geweest bij een hut, maar die was in de buurt van Røros. Deze ligt ongeveer 16 km van hun woning in Trondheim terwijl die in Røros alleen met de trein kan worden bereikt. Hier is ook elektriciteit en dus zijn in feite alle gemakken aanwezig. De voorkant is naar de weg gericht, die is een paar honderd meter heuvel op. Daar is ook een bushalte maar die gaat niet vaak en niet in het weekeinde. Met elektrische fietsen kunnen ze de afstand goed overbruggen. De achterkant van de hut is gericht naar “hun” meer.

Ze delen een steiger met hun buren en kunnen van daaruit over het meer, meestal om te vissen.De hut heeft een mooie voorkamer, een keuken, een slaapkamer en een logeerkamer. Op zolder kunnen de kleinkinderen slapen. Al met al ruimte zat. Wij sliepen die avond gewoon in onze kampeerbus.

Vanaf de steiger kun je ook zwemmen – als alternatief voor douchen – of pootje baaien. Deden we niet echt, overigens. Het was behoorlijk warm die dag dus de meeste tijd hebben we buiten gezeten. Er moest ook gewerkt worden, dus we hebben geholpen met brandhout zagen.

‘s Avonds werden we onthaald op een vismaal, eigen vangst uit het meer: forel en snoek. De volgende dag hebben we nog samen ontbeten en toen zijn we richting Trondheim gegaan.

JotunsHeimen

Vandaag een wat langere tocht door een zeer toeristisch gebied. Maar daar is het dan ook een heel mooi gebied voor. Het doel was vandaag om van Geilo naar Oppdal te reizen, zodat we de zaterdag op ons gemak bij kennissen in de buurt van Bratsberg op bezoek kunnen.

Het grootste deel van de reis voerde door Jotunsheimen, het huis van de reuzen. De naam zegt het al, hier kun je de hoogste bergen van Noorwegen vinden. Hier en daar is nog eeuwige sneeuw te zien. Of dat meer of minder dan jaren geleden is zou ik niet kunnen zeggen. Het ziet er niettemin indrukwekkend uit.

Geilo

Na een bedrijfsbezoek in Lillestrøm op pad naar het noorden. Geilo was het doel waar we in de namiddag aankwamen. De camping ligt aan een riviertje en er is dan ook veel jeugd. Wat hogerop was een aardig plekje voor ons meer bedaagde mensen.

De volgende dag maakten we een wandeling rond het Utstedalsfjorden, eigenlijk gewoon een meer met stroompjes in en uit. In feite komt het riviertje dat langs de camping loopt er ook op uit. Het beginpunt was bij de Kulturkirke, inderdaad een kruising tussen een kerk en een concertpodium. Polderen in Noorwegen! Van de camping naar die kerk en terug deden we overigens met de fiets, een tocht van zo’n 10 minuten.

Na afloop rustig terug naar de camper om de volgende reisdag voor te bereiden.